Print deze pagina Bekijk ons op Facebook Verklein lettertypeVergroot lettertype
      ZOEKEN: zoeken  

Home › Kwetsbare ouderen - Dementie › Tips › Onbegrepengedrag bij dementie

Onbegrepengedrag bij dementie

Onbegrepen gedrag bij dementie is gedrag van iemand met dementie waarmee hijzelf of zijn omgeving moeilijk kan omgaan. Dit komt veel voor bij mensen met dementie. Dit gedrag levert veel stress op en is vaak de reden dat iemand met dementie in een verpleeghuis terecht komt. Ook daar komt onbegrepen gedrag veel voor.

Vaak voorkomende onbegrepen gedrag bij mensen met dementie is:
 
  • Achterdocht
  •  Wanen en hallucinaties
  •  Angst en depressie
  •  Apathie
  •  Onrust en dwalen
  •  Agressie
  •  Eetproblemen
  •  Slaapproblemen en nachtelijke onrust
  •  Decorumverlies
 
Oorzaken 
Onbegrepen gedrag wordt veroorzaakt door verschillende omstandigheden.
 
Lichamelijke omstandigheden
Een infectie of een verandering in de medicatie kan leiden tot onbegrepen gedrag. Bij een plotselinge gedragsverandering is het belangrijk om een delier op basis van lichamelijke oorzaken uit te sluiten. Een eenvoudige aandoening, zoals een blaasontsteking, kan bij mensen met dementie leiden tot bijvoorbeeld onrust en hallucinaties. Ook een verminderd gehoor of een achteruitgang van het gezichtsvermogen kan leiden tot bijvoorbeeld achterdocht of verwarring. Als iemand met dementie pijn lijdt en dit niet goed kan uiten, kan hij zich onrustig gedragen.
 
Persoonlijke factoren
Persoonlijkheidskenmerken en de manier waarop iemand gewend is om te gaan met stress en problemen (copingstijl), zijn van invloed op gedrag.
 
Levensgeschiedenis
Onverwerkte gebeurtenissen uit het verleden, zoals oorlogstrauma’s, kunnen leiden tot bijvoorbeeld angst of agressie. Neurologische schade Als de werking van de hersenen achteruitgaat, kan onbegrepen gedrag toenemen. In de beginfase worden mensen met dementie vaak depressief, kwaad of opstandig, omdat ze beseffen dat ze ziek zijn. Als iemand niet meer goed weet hoe het hoort, gedragen ze zich vaak ongepast.
 
Omgevingsfactoren
Soms lokken mensen in de omgeving bepaald gedrag uit. Ook speelt mee of er in de omgeving te veel prikkels zijn of juist te weinig. In het laatste geval vervelen patiënten zich.  
 
Onderzoek
Behandelaars onderzoeken het onbegrapen gedrag zorgvuldig. Soms kunnen ze de patiënt zelf nog vragen stellen. Vaker krijgen ze de informatie van de partner, de kinderen en de verzorgers. Soms is het nodig om de patiënt een tijdje te bekijken. Dit kan bijvoorbeeld door hem te filmen tijdens zijn dagelijkse verblijf in een verpleeghuis of tijdens een korte opname op een afdeling voor ouderen (geriatrie). Ook proberen de behandelaars erachter te komen welke omstandigheden het gedrag verminderen. Behandelaren vinden het belangrijk om te weten voor wie het gedrag een probleem is: voor de patiënt zelf of voor zijn omgeving. Er moet aandacht worden besteed aan de invloed die het gedrag heeft op bijvoorbeeld een partner. Behandelaren proberen lichamelijke problemen te genezen. Daarvoor onderzoeken zij bijvoorbeeld het zenuwstelsel (neurologisch onderzoek) en het bloed en de urine. Een psycholoog onderzoekt eventueel het leervermogen, de persoonlijkheid en het gedrag.  
 
Behandeling
Als duidelijk is welk onbegrepen gedrag in kaart is gebracht en lichamelijke oorzaken zijn behandeld of uitgesloten, is het belangrijk om een doel te formuleren. Aan de hand daarvan kan de behandeling worden geëvalueerd. De behandeling bestaat uit meerdere componenten. Zo kan medicatie voorgeschreven worden. Maar net zo belangrijk, zo niet belangrijker, is de omgang met probleemgedrag. Een ervaren ouderenpsycholoog kan een specifiek omgangsplan maken voor de omgeving en deze ook begeleiden.
 
Zelfzorg
Breng zo veel mogelijk rust en regelmaat in het leven van iemand met dementie . Laat hem nog zoveel mogelijk zelf doen en doe samen leuke dingen.  
 
Mantelzorgers: zorg goed voor u zelf!
Voor mantelzorgers is het niet gemakkelijk om elke dag met mensen met onbegrepen gedrag om te gaan. Mantelzorgers voelen zich vaak gespannen, gefrustreerd, boos, schuldig en wanhopig. Deze gevoelens zijn normaal. Zorg dat u ook tijd voor uzelf vrijmaakt en steun zoekt bij familie, vrienden of lotgenoten. Bezoek bijvoorbeeld een Alzheimercafé. Die worden overal in Nederland gehouden. Bespreek de situatie ook met hulpverleners. Zij adviseren, begeleiden en helpen.



Terug