Print deze pagina Bekijk ons op Facebook Bekijk ons op LinkedIn Verklein lettertypeVergroot lettertype
      ZOEKEN: zoeken  

Home › Kwetsbare ouderen - Dementie › Wat is dementie › Geheugen en dementie

Geheugen en dementie

Het geheugen zorgt ervoor dat we informatie kunnen opslaan, bewaren en later weer oproepen. Er zijn verschillende soorten geheugen. Dit verklaart waarom we ons bepaalde dingen wel kunnen herinneren en andere niet. We worden overspoeld met allerlei zintuiglijke indrukken door te zien, horen, ruiken, proeven en voelen. Al die informatie houden we soms maar een deel van een seconde vast, in het zintuiglijk geheugen. Alleen informatie waar we meer aandacht aan besteden, bijvoorbeeld de krantenkoppen die we lezen, wordt overgebracht naar het kortetermijn geheugen.
Maar ook in het kortetermijn geheugen wordt informatie hoogstens een paar minuten vastgehouden. Onze hersenen beoordelen in het werkgeheugen bliksemsnel wat er verder mee moet gebeuren. Het werkgeheugen is actief bezig met de informatie. Het heeft een beperkte capaciteit. Informatie kan daarom verloren gaan als onze aandacht door iets anders wordt getrokken.     

Een voorbeeld
Ter verduidelijking een alledaags voorbeeld: u wil iemand opbellen en zoekt het telefoonnummer op. U prent dit nummer in en pakt de telefoon. Op dat moment vraagt iemand u iets, u luistert en geeft antwoord. Daarna bent u het nummer vergeten. Het werkgeheugen helpt ons ook om de betekenis van een aantal zinnen te onthouden. Hierdoor begrijpen we wat we lezen. We onthouden er ook de opeenvolgende stappen van een taak mee, zodat we die afmaken en niet iets anders gaan doen.
Als we extra aandacht besteden aan informatie door er tijd voor te nemen, te herhalen en verband te leggen met al bekende informatie, is de kans groot dat het blijvend wordt opgeslagen in ons langetermijn geheugen. In dit geheugen blijft informatie dagen tot tientallen jaren opgeslagen. Het langetermijn geheugen heeft een onbeperkte capaciteit en kan dus niet vol raken. Het wordt onderverdeeld in het declaratieve en procedurele geheugen.

Dementie
Dementie is een hersenziekte waardoor problemen met geheugen, oriëntatie, dagelijks functioneren en gedrag ontstaan. Mensen met dementie kunnen niet alles onthouden. Zij weten soms niet welke dag of datum het is. Of waar ze precies zijn. Of wie iemand is. Ook de weg vinden en aan het verkeer deelnemen kan moeilijker worden. Soms vindt of begrijpt iemand de woorden minder goed (afasie). Problemen met het uitvoeren van gewone dagelijkse handelingen komt ook voor, dit heet apraxie. Agnosie wil zeggen dat gewone dagelijkse voorwerpen moeilijker worden herkend. Het overzien en plannen van dagelijkse dingen wordt een probleem. Soms lukt klokkijken niet meer. Dementie verandert ook het gedrag, iemand wordt bijvoorbeeld inactiever, wantrouwend of sneller boos. Door dit alles kunnen mensen met dementie zich minder goed zelfstandig redden in hun dagelijks leven.

Oorzaken en voorkomen
Dementie heeft veel oorzaken. De ziekte van Alzheimer komt het meest voor. Een andere belangrijke oorzaak is doorbloedingsstoornissen van de hersenen of herseninfarcten. Dit noemen we vasculaire dementie. Ruim 60% van mensen met dementie op oudere leeftijd heeft de ziekte van Alzheimer en 16% heeft vasculaire dementie. Sommige mensen hebben kenmerken van beide vormen. Daarnaast zijn er nog vele andere oorzaken. De kans dat iemand dementie krijgt is 20%. Er zijn in Nederland 235.000 mensen met dementie en dit aantal zal alleen maar toenemen. Dementie op jonge leeftijd, onder de 65 jaar, komt ook voor.

Jongdementerenden
Ongeveer 5% van de mensen met dementie is jonger dan 65 jaar. Dat zijn in Nederland 12.000 personen. Mensen met dementie op jongere leeftijd zijn fysiek actiever, nemen deel aan het arbeidsproces, hebben vaak werkende partners, soms nog jonge kinderen en een actiever sociaal leven. Door de dementie moeten ze vaak stoppen met werken, dit heeft ingrijpende financiële en sociale gevolgen. Ook de rollen in het gezin veranderen erdoor.

Op jongere leeftijd komen vooral de ziekte van Alzheimer en FTLD (frontotemporale lobaire degeneratie) voor. Deze laatste vorm van dementie begint vaak met gedragsverandering, waardoor niet altijd direct aan dementie wordt gedacht.

Jongdementerenden hebben een op hun specifieke problemen afgestemde behandeling, begeleiding en zorg nodig. Daarom is er een speciale Ketenzorg Jongdementerenden Achterhoek opgericht, als gespecialiseerd onderdeel van het Dementienetwerk West Achterhoek



Terug